top of page
Woudenbergers-online

Woudenbergers-online op 

  • Facebook

De eed van Woudgefluister

  • Foto van schrijver: woudenbergers-online
    woudenbergers-online
  • 17 uur geleden
  • 3 minuten om te lezen

De eed van het Woudgefluister

Vanmiddag liep ik Den Treek binnen terwijl de zon goud tussen de takken viel. Het licht was vriendelijk, maar de lucht bleef scherp; mijn adem hing in wolkjes voor mij uit. Bij elke stap kraakten twijgjes alsof het bos mij herkende.

Ik kwam met een taak.

Een kennis van mij bouwt insectenhotels – toevluchtsoorden voor alles wat zoemt, kruipt en overwintert. Daarvoor zocht ik dennenappels. De juiste. Sterk, open, vol kleine kamers.

Ik bukte.

En het woud begon te fluisteren.

Geen wind.


Een welkom.

Liora de Lantaarnfee

Een warme gloed verscheen bij mijn schouder. Liora hief haar lantaarn.


“Niet elke schat ligt waar je kijkt,” zei ze.

En ineens zag ik ze: onder mos, tussen naalden, precies goed.

Mirel van de Maanmeren

Het water bij een laagte rimpelde. Mirel verhief zich, kalm als avondlicht.


“Neem alleen wat gemist kan worden.”

Ik wist meteen welke ik mocht rapen. Het voelde eerlijk.

Vixela de Schaduwvos

Een rode flits leidde me speels verder het pad af. Waar haar staart wees, lagen altijd weer nieuwe vondsten.

De Kraaienwachter

Boven mij klonk het krassen van toezicht.


“Eerlijk delen.”

Dus liet ik achter wat blijven moest.

Bram Wortel de Boomhoeder

Bij de oude eik stapte Bram uit de bast, traag en geruststellend.


“Wat jij voor de kleinen verzamelt,” zei hij, “draagt het grote.”

Mijn hart werd warmer dan mijn handen.

Kreukel de Paddenstoelenprater

De hoedjes wiebelden. Kreukel sprak zonder woorden.

Dank je dat je ziet.

Ik dacht dat mijn mand bijna vol was.

Toen viel er een andere stilte. Dieper. Alsof het bos zelf zijn adem inhield.

Uit de schaduw kwam een wolvin tevoorschijn. Eva. Haar ogen droegen verdriet, maar ook kracht – het soort kracht dat overblijft wanneer je hebt moeten loslaten en toch verdergaat.

Naast haar stond Sam, de nieuw gezenderde. Jonger in zijn rol, met de geur van onderzoek én toekomst om zich heen. Hij keek nieuwsgierig naar mij, naar mijn mand, naar wat een mens hier eigenlijk deed.

En toen voelde ik hem.

Niet zichtbaar zoals de anderen.


Maar aanwezig in elke wortel, elke koude luchtstroom langs mijn wangen.

Bram.

De wolf die in december was doodgeschoten, maar die het woud niet had verlaten. Sommige wachters verdwijnen niet; ze veranderen alleen van vorm. Ik merkte hem in de manier waarop Eva haar kop iets hoger droeg. In hoe Sam even stil werd, alsof hij luisterde naar les van iemand die hij nooit echt had ontmoet.

Geen verwijt kwam van hem.


Alleen waakzaamheid. Herinnering.

Alsof hij wilde weten of ik begreep wat zorg betekende.

Ik knikte, zonder dat iemand het gevraagd had.

“Voor het kleine,” beloofde ik zacht.


“Voor het leven dat schuilt.”

Eva’s blik werd milder. Sam zette één stap dichterbij, nieuwsgierig naar vertrouwen. Even liepen we in hetzelfde ritme – mijn voeten, hun poten, en ergens daaronder de geest van Bram die het pad kende.

Toen gleden ze terug tussen de bomen.

Lysandra Mergeldauw

Een zachte, niet-koude dauw daalde neer. Lysandra glimlachte.


“Wie het woud helpt, vindt altijd de weg terug.”

Met rode handen en een frisse neus liep ik naar mijn fiets.

Mijn mand vol dennenappels, maar nog voller van wat ik had gevoeld.

Misschien zou iemand denken dat ik alleen maar had geraapt.

Maar ik wist dat ik was gezien.


Dat levenden én herinneringen met mij hadden meegelopen.


En dat het bos onthoudt wie met zorg handelt.

Vanmiddag, daar was ik zeker van, werd mijn naam meegenomen in het Woudgefluister – samen met die van Bram.


Opmerkingen

Beoordeeld met 0 uit 5 sterren.
Nog geen beoordelingen

Voeg een beoordeling toe

naar de home page

bottom of page